Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- vrijspraak van het onder 3, 5 en 6 ten laste gelegde;
- bewezenverklaring van het onder 1, 2 en 4 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een jeugddetentie voor de duur van vijftien maanden met aftrek van voorarrest;
- oplegging van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (hierna: PIJ-maatregel);
- oplegging van een vrijheidsbeperkende maatregel in de vorm van een contactverbod met medeverdachten [naam medeverdachte 1] , [naam medeverdachte 2] , [naam medeverdachte 3] , [naam medeverdachte 4] en [naam medeverdachte 5] , waarbij in geval van overtreding van het contactverbod 1 week vervangende jeugddetentie geldt per overtreding, met een maximum van 6 maanden jeugddetentie en een proeftijd van 2 jaren;
- alsmede dadelijke uitvoerbaarheid van de vrijheidsbeperkende maatregel.
4.Waardering van het bewijs
tweesoortgelijke handschoenen zijn aangetroffen.
modus operandiis dit zeer goed denkbaar, anderzijds is dit - ook tegen de achtergrond van het dossier - naar het oordeel van de rechtbank een aanname, die (ten onrechte) de mogelijkheid uitsluit dat een “niet lid” of een door de politie niet als zodanig geïdentificeerd lid van deze groep de overval op de Gamma mede heeft gepleegd. Uit het dossier blijkt bovendien dat ook volgens de politie deze groep niet statisch van samenstelling is (geweest). Wat daar ook van zij, uiteindelijk kan door de rechtbank op dit moment niet meer en niet minder worden vastgesteld dan dat de daders van de overvallen bijna allemaal ongeveer hetzelfde uiterlijk, postuur (en lengte) hebben en telkens dezelfde soort kleding en (hand)schoenen droegen en dat in zoverre sprake was van wisselende samenstellingen, dat de overvallen werden gepleegd door één, twee of drie daders. Één en ander is - gelet op het voorgaande - in relatie tot de verdachte in specifiek de zaak [naam zaak 4] echter onvoldoende identificerend: het feit dat de telefoon van de verdachte op de bewuste dag een mast in [plaats 1] heeft aangestraald is in die omstandigheden ook onvoldoende redengevend om als bewijs te dienen dat de verdachte één van de overvallers is geweest.
5.Strafbaarheid feiten
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak;
diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen en terwijl het feit wordt gepleegd op de openbare weg.
7.Motivering straf en maatregel
De Raad heeft veel zorgen over de gewetensontwikkeling van de verdachte, nu de
8.Vordering benadeelde partij / schadevergoedingsmaatregel
9.Vordering tenuitvoerlegging
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Bijlagen
12.Beslissing
een jeugddetentie voor de duur van zeven maanden,
twee maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
twee jaren;
bijzondere voorwaardendat de veroordeelde:
maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid voor de
één week, met een totale duur van ten hoogste
zes maanden;
benadeelde partij [naam benadeelde];
[Zaak [naam zaak 4] ]
[Zaak [naam zaak 3] ]