Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van alle ten laste gelegde feiten;
- veroordeling van de verdachte tot een jeugddetentie voor de duur van vijftien maanden met aftrek van voorarrest, waarvan vijf maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar en als bijzondere voorwaarden dat de verdachte zich zal inspannen om onderwijs te volgen en een startkwalificatie te behalen dan wel een vorm van dagbesteding te hebben, alsmede dat hij zal meewerken aan een forensische diagnostiek en behandeling bij De Waag, Fivoor of een soortgelijke instelling;
- verbeurdverklaring van een onder de verdachte inbeslaggenomen geldbedrag en een aantal goederen.
4.Geldigheid dagvaarding
5.Vrijspraak
6.Bewezenverklaring
bewogentot een bepaalde gedraging, te weten de afgifte van een geldbedrag. Hierbij is van belang (telkens) te bepalen of het aangewende oplichtingsmiddel ertoe bestemd en geschikt is slachtoffers daadwerkelijk tot afgifte te bewegen, oftewel dat sprake is van een causaal verband.
[naam slachtoffer 14]( [zaaknaam 9] ), heeft bewogen tot de afgifte van 180,- euro en
[naam slachtoffer 15]( [zaaknaam 9] ), heeft bewogen tot de afgifte van 270,- euro en
[naam slachtoffer 17]( [zaaknaam 9] ), heeft bewogen tot de afgifte van 270,- euro en
[naam slachtoffer 14]en
[naam slachtoffer 17]en [naam slachtoffer 18]
datrekeningnummer en
ofhij, die [naam slachtoffer 8] , dat voor
telkensvoorgedaan als een persoon die het/de goed(eren) zou
datrekeningnummer en
persoonsgegevens) en
sen/of rijbewij
sen/of
sop naam van die [naam agent] en/of [naam slachtoffer 1]
7.Strafbaarheid feiten
3.
medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd;
8.Strafbaarheid verdachte
9.Motivering straf
10.In beslag genomen voorwerpen
11.Vorderingen benadeelde partijen / schadevergoedingsmaatregelen
12.Toepasselijke wettelijke voorschriften
13.Bijlagen
14.Beslissing
jeugddetentie voor de duur van 165 (honderdvijfenzestig) dagen;
120 (honderdtwintig) dagenniet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de duur van 150 (honderdvijftig) uren, waarbij de Raad voor de Kinderbescherming dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;
75 (vijfenzeventig) dagen;
verbeurdals bijkomende straf voor de feiten 3, 7 en 8:
onttrokken aan het verkeer:
teruggaveaan ING van:
maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de hierna te noemen benadeelde partijen te betalen de hierna te vermelden bedragen, telkens te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen datum tot aan de dag van de algehele voldoening;