Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis van de officier van justitie
- vrijspraak van het onder 7 ten laste gelegde;
- bewezenverklaring van het onder 1, 2 primair, 3, 4, 5, 6 en 8 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een taakstraf van 240 uren met aftrek van het voorarrest en een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden met een proeftijd van 2 jaar.
4.Waardering van het bewijs
eenvalse sleutel , immers
hebbenverdachte en zijn
henzelf hebbenovergenomen.
eenvalse sleutel, immers
hebbenverdachte en zijn
enzelf /
hebbenovergenomen.
inde periode van 4 april 2016 tot en
eenvalse sleutel , immers
hebbenverdachte en zijn
zij, verdachte en zijn mededader(s), niet
henzelf hebbenovergenomen.
5.Strafbaarheid van de feiten
2.primair medeplegen van valsheid in geschrifte
4.medeplegen van valsheid in geschrifte
6.medeplegen van valsheid in geschrifte
8.computervredebreuk
6.Strafbaarheid van de verdachte
7.Motivering van de straf
8.In beslag genomen voorwerpen
9.Vorderingen van de benadeelde partijen
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Bijlagen
12.Beslissing
taakstraf voor de duur van 240 (tweehonderdveertig) uren,waarbij de reclassering bepaalt uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;
234 (tweehonderd vierendertig) urente verrichten taakstraf resteert;
117 (honderdzeventien) dagen;
gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) maanden;
benadeelde partij [naam benadeelde 1], te betalen een bedrag van
€ 8.995,14 (zegge: achtduizend negenhonderd vijfennegentig euro en veertien eurocent ), bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 10 juni 2016 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij
[naam benadeelde 1]te betalen
€ 8.995,14(hoofdsom, zegge: achtduizend negenhonderd vijfennegentig euro en veertien eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 10 juni 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening; beveelt dat bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal van het bedrag van € 8.995,14 vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van
179 dagen; toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op;
benadeelde partij [naam benadeelde 2], te betalen een bedrag van
€ 4.351,63 (zegge: vierduizend driehonderd eenenvijftigeuro en drieënzestig eurocent), bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 4 april 2016 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [naam benadeelde 2] te betalen
€ 4.351,63(zegge: vierduizend driehonderd eenenvijftig euro en drieënzestig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 april 2019 tot aan de dag van de algehele voldoening; beveelt dat bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal van het bedrag van € 4.351,63 vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van
87 dagen; toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op;