Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoeker;
- de heer mr. D.A. IJpelaar, werkzaam bij advocatenkantoor Janssen Wassenaar (hierna: advocaat);
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Verzoeker heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 287b Faillissementswet om een voorlopige voorziening te treffen die de ontruiming van zijn huurwoning schorst. De rechtbank constateert een bedreigende situatie vanwege het ontruimingsvonnis van november 2017 en de geplande ontruiming in september 2018.
Verweerster voert aan dat verzoeker herhaaldelijk huurachterstanden heeft laten ontstaan en afspraken niet is nagekomen, waardoor het vertrouwen in een minnelijke schuldregeling ontbreekt. Verzoeker heeft echter recent hulp ingeschakeld bij de Kredietbank Rotterdam en is sinds september 2018 weer fulltime aan het werk.
De rechtbank weegt het belang van verzoeker, die in zijn woning wil blijven en een schuldhulpverleningstraject wil doorlopen, zwaarder dan het belang van verweerster om het vonnis uit te voeren. De voorziening wordt daarom voor zes maanden toegewezen, met de voorwaarde dat de lopende huurtermijnen tijdig worden voldaan.
Daarnaast wordt verzoeker niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 284, tweede lid, Fw, gezien het minnelijk traject nog niet is afgerond. De rechtbank benadrukt dat verzoeker actief moet meewerken aan het schuldhulpverleningstraject en zijn huurbetalingen moet nakomen.
Uitkomst: Verzoek moratorium toegewezen en ontruiming geschorst voor zes maanden onder voorwaarde tijdige huurbetaling; verzoek tot toelating schuldsanering niet-ontvankelijk.