ECLI:NL:RBROT:2018:6587

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
9 maart 2018
Publicatiedatum
9 augustus 2018
Zaaknummer
C/10/546418 / JE RK 18-732 en C/10/546420 / JE RK 18-733
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6.1.3 Jeugdwet
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing spoedverzoek gesloten jeugdhulp en verlening spoedmachtiging uithuisplaatsing

De rechtbank Rotterdam behandelde op 9 maart 2018 een spoedverzoek van de gecertificeerde instelling (GI) tot gesloten jeugdhulp en een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige. De GI verzocht om onmiddellijke opname in een gesloten accommodatie zonder verklaring van een gedragswetenschapper, vanwege de urgentie van de situatie.

De kinderrechter oordeelde dat de situatie van de minderjarige zorgelijk is, met enkele incidenten van weglopen in februari 2018, maar dat dit niet voldoende is voor een onmiddellijke gesloten plaatsing zonder instemming van een gedragswetenschapper en zonder voorafgaand horen van belanghebbenden. Daarom werd het spoedverzoek gesloten jeugdhulp afgewezen en het reguliere verzoek aangehouden voor behandeling op een latere zitting.

Tegelijkertijd werd het spoedverzoek tot uithuisplaatsing wel toegewezen voor de duur van vier weken, omdat het onverwijld noodzakelijk was om de minderjarige uit huis te plaatsen om ernstig gevaar te voorkomen. De GI, minderjarige, raadsman en belanghebbenden worden uitgenodigd hun standpunten op de zitting van 21 maart 2018 te geven. De kinderrechter verklaarde de beslissing uitvoerbaar bij voorraad en stelde dat een gedragswetenschapperverklaring uiterlijk op die zitting moet worden overgelegd.

Uitkomst: Het spoedverzoek gesloten jeugdhulp is afgewezen, maar een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing voor vier weken is verleend.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd
zaakgegevens : C/10/546418 / JE RK 18-732 en C/10/546420 / JE RK 18-733
datum uitspraak: 9 maart 2018

beschikking spoeduithuisplaatsing

in de zaak van

de gecertificeerde instelling
NIDOS,hierna te noemen de GI, gevestigd te Utrecht.
betreffende

[naam minderjarige] , geboren op [geboortedatum minderjarige] 2003 te [geboorteplaats minderjarige] ,

hierna te noemen [voornaam minderjarige] .
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[naam vader] , hierna te noemen de vader,

wonende te Rotterdam,

[naam moeder] , hierna te noemen de moeder,

wonende te Rotterdam.

Het procesverloop

Het procesverloop blijkt uit:
- het verzoek van de GI, gedaan op 8 maart 2018, ingekomen bij de griffie op 8 maart 2018;
- het verzoek van de GI, gedaan op 9 maart 2018, ingekomen bij de griffie op 9 maart 2018.
Aan [voornaam minderjarige] is als raadsman toegevoegd, mr. F. Ben-Saddek, advocaat te Rotterdam.

De feiten

Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de ouders.
[voornaam minderjarige] woont bij de ouders.
Bij beschikking van 4 juli 2017 is de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verlengd tot
11 april 2018.

De verzoeken

Op 8 maart 2018 heeft de GI een spoedmachtiging verzocht om [voornaam minderjarige] in een gesloten accommodatie te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van vier weken. Daarnaast is verzocht om aansluitend een machtiging te verlenen voor verblijf in een gesloten accommodatie voor de duur van de ondertoezichtstelling.
De GI heeft geen verklaring van een gedragswetenschapper overgelegd, omdat een onmiddellijke plaatsing van de jeugdige zodanig noodzakelijk wordt geacht dat een onderzoek van de gedragswetenschapper niet kon worden afgewacht.
Op 9 maart 2018 heeft de GI verzocht met spoed [voornaam minderjarige] uit huis te plaatsen in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder voor de duur van de ondertoezichtstelling.

De beoordeling

Gelet op het bepaalde in artikel 6.1.3, tweede lid, Jeugdwet, dient onmiddellijke verlening van jeugdhulp noodzakelijk te zijn in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen
van de jeugdige die de ontwikkeling naar volwassenheid ernstig belemmeren of een ernstig vermoeden daarvan. Bovendien dient een uithuisplaatsing noodzakelijk te zijn om te
voorkomen dat de jeugdige zich aan de hulp die de jeugdige nodig heeft zal onttrekken of daaraan door anderen zal worden onttrokken.
Bij het verzoek ontbreekt een verklaring van een gedragswetenschapper. De kinderrechter kan een spoedmachtiging slechts verlenen indien uit de beschikbare informatie voldoende blijkt dat de situatie, bedoeld in het hiervoor aangehaalde artikel 6.1.3., tweede lid, Jeugdwet zich voordoet en dat met het oog daarop een onmiddellijke opname en verblijf van de jeugdige in een gesloten accommodatie noodzakelijk is, ondanks dat een instemmingsverklaring van een gedragswetenschapper ontbreekt.
De kinderrechter is van oordeel dat
geensprake is van een situatie zoals bedoeld in het bepaalde in artikel 6.1.3, tweede lid, Jeugdwet. De situatie van [voornaam minderjarige] is zeer zorgelijk. Uit het verzoek blijkt onder meer dat [voornaam minderjarige] in februari 2018 een aantal keren een nacht thuis is weggebleven. Niet blijkt echter dat dit nadien opnieuw is gebeurd. [voornaam minderjarige] heeft zich nadien niet aan alle afspraken gehouden, doch dit rechtvaardigt geen onmiddellijke plaatsing in gesloten jeugdzorg zonder instemming van een gedragswetenschapper en zonder het voorafgaand aan de beslissing horen van de belanghebbenden. Het spoedverzoek zal daarom worden afgewezen. Het reguliere verzoek zal tijdens de hierna genoemde zitting worden behandeld. Uiterlijk op die zitting dient
een instemmingsverklaringvan een gedragswetenschapper, behorend bij een regulier verzoek gesloten jeugdhulp, te zijn overgelegd.
Uit het verzoek van de GI van 9 maart 2018 blijkt dat het dringend en onverwijld noodzakelijk is dat [voornaam minderjarige] met spoed uit huis wordt geplaatst. Het verhoor van de belanghebbenden ten aanzien van dit verzoek kan niet worden afgewacht zonder onmiddellijk en ernstig gevaar voor [voornaam minderjarige] .
De GI, [voornaam minderjarige] , mr. Ben Saddek en de belanghebbenden worden in de gelegenheid gesteld hun mening te geven op de hierna genoemde zitting. In afwachting van deze zitting zal de machtiging tot uithuisplaatsing voor de duur van vier weken worden verleend. Verdere beslissingen op het verzoek zal de kinderrechter pas nemen nadat de zitting heeft plaatsgevonden.

De beslissing

De kinderrechter:
wijst af het spoedverzoek gesloten jeugdhulp;
bepaalt dat het reguliere verzoek om een machtiging gesloten jeugdhulp behandeld wordt op de hierna genoemde zitting;
verleent machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder, met ingang van 9 maart 2018, voor de duur van vier weken en houdt de beslissing voor het overige aan;
verklaart de beslissing tot uithuisplaatsing uitvoerbaar bij voorraad;
bepaalt dat de GI, mr. Ben-Saddek, [voornaam minderjarige] en de overige belanghebbenden zullen worden gehoord ter zitting van
21 maart 2018 om 11:30 uur, welke zitting wordt gehouden in het gerechtsgebouw te Rotterdam, Wilhelminaplein 100-125.
de zaken zullen op genoemde zitting, behoudens onvoorziene omstandigheden, worden behandeld door mr. D.C. van Reekum, kinderrechter.
Uiterlijk op deze zitting dient een instemmingsverklaring van een gedragswetenschapper te zijn overgelegd.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in tegenwoordigheid van
J. Hiwat als griffier en in het openbaar uitgesproken op 9 maart 2018.
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
Den Haag.