ECLI:NL:RBROT:2018:3730
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.G.L. de Vette
- C.E. Bos
- D.Y.A. van Meersbergen
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen benoemingsbesluit externe voorzitter niet-ontvankelijk verklaard
De zaak betreft een bezwaar van eiser tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam om een externe voorzitter voor de gebiedscommissie te benoemen. Eiser was de zittende voorzitter en ontving daarvoor een vaste vergoeding. Het primaire benoemingsbesluit van 11 oktober 2016 leidde ertoe dat eiser zijn voorzitterschap verloor en een reguliere commissieledenstatus kreeg met een andere vergoeding.
Verweerder verklaarde het bezwaar van eiser tegen dit benoemingsbesluit niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:4, derde lid, Awb, dat bezwaar en beroep tegen benoemingsbesluiten door niet-ambtenaren uitsluit. Eiser stelde dat het besluit tevens een beëindiging van zijn voorzitterschap inhield en dat hij als belanghebbende bezwaar mocht maken, maar de rechtbank oordeelde dat de beëindiging voortvloeit uit een verordening en geen zelfstandig besluit vormt.
Ook het bezwaar tegen de wijziging van de bezoldiging werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de wijziging voortvloeit uit wettelijke regelingen en de brief van 11 oktober 2016 geen besluit in de zin van de Awb is. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het benoemingsbesluit is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep ongegrond.