ECLI:NL:RBROT:2018:2716
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vervangende toestemming verhuizing minderjarige kinderen
De rechtbank Rotterdam behandelde een verzoek van de vrouw om vervangende toestemming te verkrijgen voor verhuizing met haar minderjarige kinderen, waarbij zij gebonden is aan een verhuisbepaling opgenomen in het ouderschapsplan. Deze bepaling beperkt de woonplaatskeuze tot maximaal 25 kilometer van de scholen van de kinderen totdat zij twaalf jaar zijn.
De vrouw wilde verhuizen naar de omgeving van Amsterdam vanwege haar studie, sociale leven en de zorgbehoefte van haar ouders. De man voerde verweer en stelde dat deze omstandigheden vooraf bekend waren en geen onvoorziene omstandigheden vormen.
De rechtbank oordeelde dat de vrouw bij het ondertekenen van het ouderschapsplan op de hoogte was van de verhuisbepaling en dat de aangevoerde omstandigheden niet onvoorzien zijn zoals bedoeld in artikel 6:258 BW Pro. Ook vond de rechtbank dat toepassing van artikel 6:248 BW Pro (redelijkheid en billijkheid) niet tot een andere uitkomst leidt. Het verzoek tot vervangende toestemming werd daarom afgewezen.
De proceskosten werden ieder voor eigen rekening genomen. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open bij het gerechtshof Den Haag, binnen drie maanden na dagtekening.
Uitkomst: Verzoek tot vervangende toestemming voor verhuizing wordt afgewezen wegens gebondenheid aan verhuisbepaling en ontbreken van onvoorziene omstandigheden.