Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- vrijspraak van de onder d) ten laste gelegde omkoping van de ambtenaar [naam medeverdachte 1] ;
- bewezenverklaring van het overige onder a), b), c) en e) ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 80 uur subsidiair 40 dagen vervangende hechtenis.
4.Ontvankelijkheid officier van justitie
niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie in de vervolging op grond van schending van het gelijkheidsbeginsel en zo’n geval niet aanwezig geacht. Met betrekking tot de thans aangevoerde verweren komt de rechtbank niet tot een andere conclusie. De officier van justitie heeft in het verloop van de procedure in een aantal gevallen onderbouwd aangegeven waarom daarin is afgezien van verdere vervolging (sepot of transactie). Voorop staat dat de officier van justitie een ruime mate van beleidsvrijheid heeft om in het geval van de verdachte al dan niet tot vervolging over te gaan. Daargelaten de vraag of de beslissingen in die andere gevallen ten onrechte zijn genomen, kan vergelijking daarmee niet tot de conclusie leiden dat het openbaar ministerie heeft gehandeld in strijd met het gelijkheidsbeginsel, dan wel het verbod van willekeur omdat het in het geval van de verdachte wel tot vervolging is overgegaan.
5.Waardering van het bewijs
- van 1 juni 2006 tot 1 april 2007 als sales manager Fleetsales;
- van 1 april 2007 tot 1 juni 2008 als key accountmanager voor de politie, de brandweer en de GOR (ambulancewagens), eveneens bij de afdeling Fleetsales;
- van 1 juni 2008 tot 1 oktober 2008 verantwoordelijk voor de Corporate Accounts;
- van 1 oktober 2008 tot 1 mei 2012 als manager Tenders Fleetsales.
met de verkoper niet uitkwam”. Vervolgens heeft de verdachte aan de verkoper verteld dat een korting (bijloop) mocht worden verleend. In een e-mail van 9 september 2011 heeft de verdachte dit op verzoek van de verkoper bevestigd en het bedrag genoemd van maximaal € 715,= excl. BTW. Deze korting wordt ook genoemd in het door de verdachte in het kader van het interne onderzoek bij PAH opgestelde Excelbestand met betrekking tot verleende kortingen aan overheidsfunctionarissen.
ik deed alleen zaken met overheid fleetsales. Op een ander moment kan die man weer op een andere plek zitten. Daarom moest ik de relatie goed houden”. Wat de verdachte hier in kennelijke oprechtheid verklaart, maakt juist het motief duidelijk van de “automan” die de verdachte is. De rechtbank heeft er kennis van genomen dat de verdachte deze afweging op dit moment, met de kennis van nu, anders zou maken. Maar evenzeer is de rechtbank van oordeel dat de verdachte zich dit in 2011 had moeten realiseren en zich te gevoelig heeft getoond voor het verzoek dat [naam medeverdachte 4] niet had mogen doen.
6.Strafbaarheid feit
7.Strafbaarheid verdachte
8.Motivering straf
5 december 2017. De rechtbank heeft de inhoud van dit rapport ook betrokken in haar oordeel.
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
een taakstrafvoor de duur van
40 (veertig) uren, waarbij de Reclassering Nederland dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;
20 (twintig) dagen.