ECLI:NL:RBROT:2017:9608
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- I. Bouter
- M.I. Blagrove
- A.W. Schep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde van bijzonder kantoorpand te Delft
Eiseres betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van een kantoorpand te Delft voor het belastingjaar 2016, stellende dat de waarde te hoog is vastgesteld. Verweerder heeft de waarde vastgesteld op € 10.925.000,-, terwijl eiseres een waarde van € 1.890.000,- aanvoert.
De rechtbank overweegt dat de waarde moet worden bepaald op basis van de prijs die een meest biedende koper zou betalen, rekening houdend met de staat van het pand op de waardepeildatum 1 januari 2015. Verweerder heeft zijn standpunt onderbouwd met een taxatierapport en een verkooptransactie van een vergelijkbaar kantoorpand nabij de waardepeildatum, gelegen op een zichtlocatie in Delft.
De rechtbank acht het verkoopcijfer van het buurpand van € 11.700.000,- doorslaggevend, ondanks verschillen in oppervlakte en verhuurde staat, en vindt dat verweerder hiermee heeft aangetoond dat de waarde niet te hoog is vastgesteld. De door eiseres aangevoerde vergelijkingsobjecten zijn volgens de rechtbank onvoldoende vergelijkbaar vanwege verschillen in locatie, bouwjaar en marktcondities.
Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard en wordt de vastgestelde WOZ-waarde bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van het kantoorpand te Delft wordt ongegrond verklaard.