Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding met producties
- de conclusie van antwoord met een productie
- de oproepbrief van 14 juni 2017 van de griffier voor een mondelinge behandeling
- de zittingsagenda van 17 juli 2017
- het proces-verbaal van comparitie van 13 september 2017.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
van voor het sluiten van de overeenkomst:
van na het sluiten van de overeenkomst:
“Nooit is mij door iemand van Intrica gezegd dat [aannemer] door hen was overgenomen, in hun dienst was of hun partner was”.
“( [aannemer] ) pand was er slecht aan toe. Ik heb hem toen aangeboden om bij ons in te trekken.(…) Hij had een computer en handbewerkingsmachines, die konden bij ons in een aparte, afgesloten ruimte staan.(…) Hij heeft een hoekje boven in de keuken. Daar zit hij nu nog”.
compagnon”heeft genoemd hoeft in het gewone spraakgebruik niet noodzakelijkerwijs te betekenen dat [aannemer] namens Intrica B.V. overeenkomsten sluit.
1.788,00(2 × tarief € 894,00)