Eiser, een dakbedekkingsondernemer, vordert vergoeding van schade aan rookkoepels die tijdens een storm in 2006 beschadigd raakten. De schade werd door een Belgische rechtbank toegewezen aan eiser, maar de verzekeraar Allianz, opvolger van Aegon, weigerde uitkering op grond van een opzichtclausule in de polis.
De rechtbank oordeelt dat de verjaringstermijn van drie jaar aanving bij de dagvaarding in 2007 en dat eiser met de schade-aangifte in 2008 een aanspraak op uitkering heeft gedaan, waarmee de verjaring werd gestuit. Vervolgens wees Aegon in meerdere brieven de dekking af, waarvan eiser de ontvangst van enkele brieven erkent.
Omdat de verjaring na de laatste afwijzing in 2011 opnieuw begon te lopen, was de vordering in 2016 verjaard. De rechtbank wijst de vordering af en veroordeelt eiser in de proceskosten. De afwijzing volgt omdat de verzekeringsovereenkomst een opschortende voorwaarde bevat en de uitkering pas opeisbaar is na verwezenlijking van het risico en aanspraak daarop binnen de verjaringstermijn.