Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[gedaagde 1] ,
[gedaagde 3],
1.De procedure
- de dagvaarding van 29 maart 2017, met producties,
- de incidentele conclusie houdende vordering ex artikel 843a Rv en artikel 3:15j BW, en
- de conclusie van antwoord in het incident.
2.De feiten
3.Het geschil in de hoofdzaak
€ 87.348,55 aan omzet, een bedrag van € 15.000,00 aan kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid alsmede een bedrag van € 3.665,15 aan beslagkosten,
4.De vordering in het incident
5.De beoordeling in het incident
6.De beslissing
15 november 2017voor conclusie van antwoord.