Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
5 april 2017.
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1 primair, 2 en 3 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 jaar met aftrek van voorarrest;
- tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk opgelegde strafdeel in de zaak met parketnummer 22/004828-14.
4.Waardering van het bewijs
6 april 2016 op de [straatnaam 1] werd geregistreerd, is gebruikt bij de ontvoeringen.
5.Strafbaarheid feit
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
8.Vorderingen benadeelde partijen/schadevergoedingsmaatregel
9.Vordering tenuitvoerlegging
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Bijlagen
12.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) maanden;
€ 583,75 (zegge: vijfhonderd drieëntachtig euro en vijfenzeventig cent) aan materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 6 maart 2016 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij politie eenheid Rotterdam te betalen
€ 583,75 (zegge: vijfhonderd drieëntachtig euro en vijfenzeventig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 6 maart 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening; beveelt dat bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal van het bedrag van
€ 583,75 vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van
11 dagen; toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op;
tenuitvoerleggingvan het voorwaardelijk gedeelte, groot
4 maanden, van de bij arrest van het Gerechtshof Den Haag van 17 november 2015 aan de veroordeelde opgelegde gevangenisstraf.