ECLI:NL:RBROT:2017:10325
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- A.N. van Zelm Eldik
- J.F. Koekebakker
- E. van Schouten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens geen schending hoor en wederhoor of rechterlijke onpartijdigheid
In een civielrechtelijke procedure tussen eiseres en verzoekster werd een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter wegens vermeende schending van het beginsel van hoor en wederhoor. Verzoekster stelde dat haar ten onrechte geen termijn voor dupliek was gegeven en dat dit de onpartijdigheid van de rechter aantastte.
De rechtbank stelde vast dat verzoekster een termijn van vier weken voor dupliek was toegekend via een brief van de griffier aan de gemachtigde, waarbij de conclusie van repliek was bijgevoegd. Deze brief werd geacht te zijn ontvangen, mede omdat de conclusie van repliek door de gemachtigde was ontvangen en er geen tegenbewijs was. Verzoekster had geen uitstel gevraagd en de zaak was vervolgens voor vonnis gezet.
De wrakingskamer benadrukte dat een onwelgevallige beslissing op zich geen grond voor wraking vormt, tenzij deze zo onbegrijpelijk is dat vooringenomenheid de enige verklaring kan zijn. Dit was niet het geval. De afwijzing van het verzoek om alsnog een termijn voor dupliek te gunnen was niet onbegrijpelijk. Het wrakingsverzoek werd daarom ongegrond verklaard en afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan grond voor wraking.