ECLI:NL:RBROT:2016:9314
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- A.N. van Zelm van Eldik
- W.J. Roos-van Toor
- L.C. van Walree
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking griffier en rechtbank buiten behandeling gesteld wegens niet-ontvankelijkheid
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de griffier van de rechtbank Rotterdam en tegen de rechtbank zelf. Dit verzoek volgde op eerdere wrakingsverzoeken tegen de rechter die haar beroepsprocedure behandelde, welke reeds waren afgewezen. De rechtbank oordeelt dat wraking slechts mogelijk is tegen de rechter(s) die daadwerkelijk een zaak behandelen.
Omdat het verzoek niet gericht is tegen de specifieke rechter die de zaak van verzoekster behandelt en bovendien reeds een einduitspraak is gedaan in die procedure, is het wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk. De rechtbank stelt het verzoek daarom buiten behandeling op grond van artikel 9.1 van het Wrakingsprotocol.
De beslissing is genomen door een meervoudige kamer bestaande uit drie rechters en uitgesproken tijdens een openbare zitting. Hiermee wordt bevestigd dat wraking niet kan worden toegepast tegen de griffier of de rechtbank als geheel, maar uitsluitend tegen de behandelende rechter(s).
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de griffier en de rechtbank wordt buiten behandeling gesteld wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid.