Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
Stichting De Leeuw van Putten,
Rechtbank Rotterdam
De huurder woont sinds 1993 in een woning die door de burgemeester voor twee weken is gesloten vanwege aangetroffen drugs en materialen voor een hennepkwekerij. De verhuurder ontbond de huurovereenkomst buitengerechtelijk op grond van deze sluiting en vorderde ontruiming in kort geding.
De rechter stelt vast dat weliswaar verboden middelen en kwekerijmaterialen zijn aangetroffen, maar dat niet is bewezen dat er daadwerkelijk hennep werd gekweekt of dat er sprake was van dealen of overlast. De stelling van de verhuurder over overlast wordt niet onderbouwd en door buren tegengesproken.
De rechter overweegt dat het besluit van de burgemeester nog niet onherroepelijk is en dat de kans dat dit besluit wordt vernietigd niet kansloos is. Ook bij een standvastig besluit acht de rechter ontruiming vooruitlopend op een bodemprocedure niet proportioneel, mede gelet op het langdurige woonbelang van de huurder.
Daarnaast is niet gebleken dat de huurder zich niet als goed huurder gedraagt. De verhuurder wordt veroordeeld in de proceskosten. De vordering tot ontruiming wordt afgewezen.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt afgewezen en de verhuurder wordt veroordeeld in de proceskosten.