Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van de onder 1 ten laste gelegde moord alsmede bewezenverklaring van het onder 2 en 3 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 14 jaren;
- gevangenneming van de verdachte.
4.Waardering van het bewijs
;.
5.Strafbaarheid feiten en strafbaarheid verdachte
1.moord;
2. handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III van die wet;
3. opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2, onder C, van de Opiumwet gegeven verbod.
6.Motivering straf
7.Benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
8.Voorlopige hechtenis
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlage
11.Beslissing
gevangenisstraf voor de duur van 13 (dertien) jaren;
gevangenneming van de verdachte met ingang van heden;
€ 2.977,- (zegge: tweeduizend negenhonderdzevenenzeventig euro), aan materiële schadevergoeding;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij te betalen
€ 2.977,- (zegge: tweeduizend negenhonderd zevenenzeventig euro); beveelt dat bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal van het bedrag van
€ 2.977,-vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van
39 dagen; toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op;