ECLI:NL:RBROT:2016:10083
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen woningsluiting wegens herhaalde hennepplantage met brand- en elektrocutiegevaar
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam heeft op 19 december 2016 besloten een woning in Rotterdam voor zes maanden te sluiten wegens het herhaaldelijk aantreffen van hennepplantages, wat brandgevaar en elektrocutiegevaar oplevert. Verzoekster, eigenares van de woning, maakte bezwaar en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
Tijdens de zitting op 29 december 2016 werd vastgesteld dat de woning op 31 augustus 2015 en 9 oktober 2016 was gebruikt als hennepplantage. Het college baseerde het besluit op artikel 17 van Pro de Woningwet en de beleidsnotitie van de gemeente Rotterdam. De voorzieningenrechter overwoog dat het college beoordelingsvrijheid heeft en dat het gevaar voor gezondheid en veiligheid aannemelijk is, mede door de aanwezige elektrische installaties.
Verzoeksters belang was beperkt tot het mislopen van huurinkomsten, een financieel belang dat onvoldoende spoedeisend is om de voorlopige voorziening toe te kennen. De voorzieningenrechter oordeelde dat het college zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat sluiting noodzakelijk was en dat eerdere waarschuwingen en melding van verzoekster aan de politie dit niet onredelijk maken.
De voorzieningenrechter wees het verzoek af en legde geen proceskostenveroordeling op. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wegens herhaalde hennepplantage wordt afgewezen.