Uitspraak
BESCHIKKING
PROCEDURE
BEVOEGDHEID
BEOORDELING
BESLISSING
met ingang van 9 juni 2015en voor de duur van de voorwaardelijke beëindiging van de PIJ-maatregel:
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde op 19 mei 2015 de vordering van de officier van justitie tot het vaststellen van voorwaarden tijdens de voorwaardelijke beëindiging van de PIJ-maatregel opgelegd aan de veroordeelde wegens voortgezette diefstal met geweld, bedreiging en afpersing.
De behandeling vond plaats na een positief reclasseringsadvies waarin werd gesteld dat de veroordeelde zijn behandeling binnen de Justitiële Jeugdinrichting De Hartelborgt grotendeels had afgerond en toe was aan het laatste onderdeel, het Scholings- en Trainingsprogramma (STP). De reclassering adviseerde de PIJ-maatregel voorwaardelijk te beëindigen met voorwaarden gericht op meldplicht, drugs- en alcoholverbod, behandelverplichting, dagbesteding en huisvesting.
De veroordeelde stemde in met de voorwaarden die onder meer voorschrijven dat hij zich wekelijks moet melden bij de reclassering, op het adres van zijn moeder moet wonen, een zinvolle dagbesteding moet behouden, zich moet onthouden van verdovende middelen en mee moet werken aan urinecontroles en behandeling indien nodig.
De rechtbank oordeelde dat de PIJ-maatregel met ingang van 9 juni 2015 van rechtswege voorwaardelijk eindigt en dat de bijzondere voorwaarden passend zijn om het recidiverisico te verlagen en de ontwikkeling van de veroordeelde te bevorderen. De vordering werd toegewezen en de voorwaarden werden vastgelegd voor de duur van de voorwaardelijke beëindiging.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering toe en legt bijzondere voorwaarden op bij de voorwaardelijke beëindiging van de PIJ-maatregel vanaf 9 juni 2015.