ECLI:NL:RBROT:2015:8663
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- P.H. Veling
- W.M.P.M. Weerdesteijn
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter bij beoordeling dwangbehandeling en mvv
Verzoeker, verblijvend in een psychiatrische instelling, verzocht om wraking van de rechter die eerder een machtiging tot voortgezet verblijf (mvv) had verleend en nu betrokken was bij de behandeling van zijn klacht tegen een voorgenomen dwangbehandeling. De wraking werd gevraagd omdat verzoeker meende dat de rechter niet onpartijdig kon zijn gezien de samenhang tussen de mvv en de dwangbehandeling.
De rechtbank oordeelde dat voor het verlenen van een mvv een ander toetsingskader geldt dan voor de beoordeling van een klacht tegen dwangbehandeling. De rechter had bij de mvv alleen getoetst aan de wettelijke criteria voor opname en niet aan de noodzaak van dwangbehandeling. De rechter had geen vooringenomenheid en kon objectief oordelen over de klacht, ook omdat nieuwe feiten en omstandigheden bij de behandeling konden worden meegewogen.
De wrakingskamer benadrukte dat het enkel feit dat een rechter eerder een uitspraak heeft gedaan waartegen bezwaar bestaat, geen reden is voor wraking. De rechter had geen rol gespeeld in het besluit tot dwangbehandeling bij het verlenen van de mvv. Het verzoek tot wraking werd daarom ongegrond verklaard en afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is afgewezen wegens ontbreken van aanwijzingen voor partijdigheid.