ECLI:NL:RBROT:2014:4041
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Openbaarmaking namen oud-wethouders en ontvangen wachtgelden geweigerd onterecht
Eiser verzocht op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om openbaarmaking van namen van oud-wethouders en de door hen ontvangen wachtgelden. Verweerder verstrekte aanvankelijk een geanonimiseerd overzicht en verklaarde het bezwaar van eiser ongegrond. Later werd het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard vanwege vermeende ongeldige machtiging.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet bevoegd was het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren zonder eiser de gelegenheid te geven het vermeende verzuim te herstellen. Eiser verklaarde geloofwaardig dat hij de handtekening met een computermuis had gezet. Hierdoor werd het niet-ontvankelijk verklaarde bezwaar alsnog ontvankelijk verklaard.
Vervolgens oordeelde de rechtbank dat het belang van openbaarheid zwaarder weegt dan het belang van privacy van oud-wethouders, gezien hun publieke functie en het maatschappelijke belang bij transparantie over wachtgeld. Ook moet verweerder duidelijk maken of de wachtgelden bruto of netto zijn. De rechtbank vernietigde het besluit tot weigering van openbaarmaking en veroordeelde verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt verplicht de namen van oud-wethouders en wachtgeldinformatie openbaar te maken, met vergoeding van kosten aan eiser.