Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[gedaagde1],
[gedaagde3],
1.De procedure
- het tussenvonnis van 23 oktober 2013, alsmede de daaraan ten grondslag liggende stukken,
- de conclusie van antwoord in reconventie, met producties,
- de akte overlegging producties van [eiseres],
- productie 48 van [eiseres],
- het proces-verbaal van comparitie van 26 maart 2014.
2.De feiten
10.Slotbepaling
3.Het geschil
in conventie
4.De beoordeling
5.160,00(2,0 punten × tarief € 2.580,00)
5.160,00(2,0 punten × tarief € 2.580,00)
452,00(2,0 punten × factor 0,5 × tarief € 452,00)