ECLI:NL:RBROT:2014:10441
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen weigering vrijstelling verplichte pensioenfondsdeelname
Verzoekster, Meubelspuiterij Van der Wolf B.V., heeft bij het bestuur van het Bedrijfstakpensioenfonds voor het Schilders-, Afwerkings- en Glaszetbedrijf een verzoek ingediend om vrijstelling van verplichte deelneming per 1 januari 2015. Dit verzoek is door verweerder afgewezen bij besluit van 11 november 2014. Verzoekster maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening om het besluit te schorsen.
De voorzieningenrechter overweegt dat op grond van artikel 8:81 Awb Pro een voorlopige voorziening kan worden getroffen indien onverwijlde spoed dat vereist. De rechtbank stelt vast dat het belang van verzoekster financieel van aard is en dat dit op zichzelf geen spoedeisend belang vormt. Er is geen sprake van een zodanig zwaarwegend financieel belang dat de continuïteit van verzoekster wordt bedreigd. Tevens is er geen reden om zonder diepgaand onderzoek ernstig te twijfelen aan de rechtmatigheid van het bestreden besluit.
Verweerder wijst erop dat het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 8 april 2014 onherroepelijk is en dat verzoekster verplicht is aangesloten bij het pensioenfonds van verweerder. De aansluiting bij het pensioenfonds voor de Meubelindustrie is per 1 januari 2015 beëindigd. De rechtbank concludeert dat het verzoek om voorlopige voorziening kennelijk ongegrond is en wijst het af. Er worden geen proceskosten toegewezen en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van spoedeisend belang.