ECLI:NL:RBROT:2013:CA2737
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bank vordert schadevergoeding wegens onrechtmatige toe-eigening van bedragen
In deze civiele procedure vordert de bank schadevergoeding van de gedaagde wegens onrechtmatige toe-eigening van bedragen die ten onrechte op zijn bankrekening zijn bijgeschreven. De gedaagde is hiervoor reeds strafrechtelijk veroordeeld en onderworpen aan een ontnemingsmaatregel, waarbij hij het bedrag aan de Staat betaalt.
De bank stelt dat zij als rechtsopvolger van Fortis recht heeft op vergoeding van de door Fortis geleden schade en kiest ervoor deze vordering via de burgerlijke rechter te verhalen. De gedaagde betoogt dat hij niet tot betaling aan de bank gehouden kan zijn, omdat hij het bedrag reeds aan de Staat betaalt en dat de bank daardoor geen belang heeft bij de civiele procedure.
De rechtbank oordeelt dat de bank recht en belang heeft bij haar vordering en dat de ontnemingsmaatregel en het daaraan verbonden bevel niet verhinderen dat de bank schadevergoeding vordert. De vordering tot betaling van de hoofdsom en de wettelijke rente wordt toegewezen. De gevorderde administratie- en onderzoekskosten en buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten. Het verstekvonnis wordt vernietigd en het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 34.284,54 plus wettelijke rente aan de bank, met aftrek van door de Staat betaalde bedragen.