ECLI:NL:RBROT:2013:CA1271
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I. Bouter
- S.M. Lecluse–de Bruijn
- G. van Wassenaer
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid werkgever voor heftruckongeval met ernstig letsel vrachtwagenchauffeur
Op 24 juli 2009 raakte een vrachtwagenchauffeur ernstig gewond tijdens het lossen van oud papier op het terrein van de werkgever van de heftruckchauffeur. De rechter stelde vast dat de chauffeur van de heftruck onzorgvuldig handelde door achteruit te rijden zonder zich ervan te vergewissen dat de vrachtwagenchauffeur zich op een veilige plek bevond, waardoor vier vingers van de rechterhand van de vrachtwagenchauffeur moesten worden geamputeerd.
De rechtbank onderzocht uitgebreid de toedracht aan de hand van verklaringen van betrokkenen, een inspectierapport van de Arbeidsinspectie en een descente. Het bewijs toonde aan dat het letsel niet door de rongen of hekken van de vrachtwagen was veroorzaakt, maar door beknelling tussen de heftruck en een rong tijdens het terugplaatsen.
Hoewel de vrachtwagenchauffeur zich niet altijd aan de veiligheidsaanwijzingen hield en dit mede heeft bijgedragen aan het ongeval, oordeelde de rechtbank dat de werkgever van de heftruckchauffeur aansprakelijk is voor de fout van haar werknemer. De aansprakelijkheid blijft volledig in stand vanwege de ernst van het letsel en het gewicht van de heftruck.
De verzekeraar van de werkgever, Reaal, is mede aansprakelijk. Partijen bereikten overeenstemming over de kosten van rechtsbijstand, zodat de rechtbank daarover geen oordeel hoefde te vellen.
Uitkomst: Werkgever en verzekeraar zijn aansprakelijk voor de schade van de vrachtwagenchauffeur door fout van heftruckchauffeur, ondanks mede-eigen schuld.