ECLI:NL:RBROT:2013:CA0732
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische reorganisatie bij museum
Het museum, afhankelijk van gemeentelijke subsidies, zag zich genoodzaakt een reorganisatie door te voeren na een subsidieverlaging per 1 januari 2013. Hierdoor kwam de arbeidsplaats van de werknemer, die sinds november 2012 arbeidsongeschikt was, te vervallen. Het museum vroeg ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische omstandigheden en kreeg ontslagvergunning van het UWV.
De werknemer voerde verweer tegen de ontbinding, onder meer op grond van de reflexwerking van het opzegverbod tijdens ziekte en de redelijkheid van het reorganisatieplan. De kantonrechter oordeelde dat het ontbindingsverzoek geen verband hield met de arbeidsongeschiktheid en dat het museum in redelijkheid tot de reorganisatiebeslissing had kunnen komen. Het alternatieve plan van een actiecomité was onvoldoende om twijfel te zaaien over de redelijkheid van het besluit.
Er was geen interne mogelijkheid voor herplaatsing van de werknemer. Gezien de financiële situatie van het museum en het feit dat ook andere werknemers geen vergoeding ontvingen, werd geen vergoeding toegekend. De arbeidsovereenkomst werd ontbonden met ingang van 1 april 2013, waarbij elke partij de eigen proceskosten draagt.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden met ingang van 1 april 2013 zonder vergoeding.