ECLI:NL:RBROT:2013:BZ5052
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen verjaring maar wel rechtsverwerking bij verdeling pensioenrechten na echtscheiding
Partijen waren gehuwd in algehele gemeenschap van goederen van 1966 tot 1989. Na echtscheiding vond een boedelverdeling plaats, waarbij de door de man opgebouwde pensioenrechten niet werden verdeeld en als overgeslagen goederen werden aangemerkt.
De vrouw vorderde opgave en betaling van haar deel van de pensioenaanspraken van de man, gebaseerd op het arrest Boon/Van Loon. De man stelde verjaring en subsidiair rechtsverwerking en strijd met redelijkheid en billijkheid als verweer.
De rechtbank oordeelde dat de vordering niet verjaard is omdat pensioenrechten als overgeslagen goederen te allen tijde kunnen worden verdeeld volgens artikel 3:178 BW Pro. Wel was sprake van rechtsverwerking omdat de vrouw 22 jaar geen actie ondernam, waardoor de man gerechtvaardigd mocht vertrouwen dat zij geen aanspraak meer zou maken.
De vrouw had na een opgave van de pensioenwaarde in 1990 geen verdere stappen gezet en betaalde slechts eenmalig een bedrag aan haar advocaat. De man was sinds 2010 met pensioen en had zijn leven daarop ingericht. Daarom wees de rechtbank de vordering af en bepaalde dat iedere partij haar eigen proceskosten draagt.
Uitkomst: Vordering tot verdeling van pensioenrechten wordt afgewezen wegens rechtsverwerking ondanks geen verjaring.