ECLI:NL:RBROT:2013:BZ3866
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek voorlopig deskundigenonderzoek in aanvaringszaak Corvus J en Baltic Ace
De rechtbank Rotterdam behandelde op 7 maart 2013 een verzoek tot het bevelen van een voorlopig deskundigenonderzoek in verband met de aanvaring tussen de schepen Corvus J en Baltic Ace op 5 december 2012. Verzoeksters, vertegenwoordigd door Corvus J, wilden duidelijkheid verkrijgen over de oorzaak van het zinken van Baltic Ace, met name over de stuw- en vastzetting van de lading en de staat van waterdichte deuren en schotten.
Verweerders, waaronder Baltic Ace en andere betrokken partijen, betwistten onder meer de bevoegdheid van de Nederlandse rechter en stelden dat het verzoek onvoldoende concreet was en neerkwam op een fishing expedition. De rechtbank oordeelde echter dat zij bevoegd was, mede vanwege een aanhangige beperking van aansprakelijkheidprocedure en de reële kans op materiële geschilpunten in een renvooiprocedure.
De rechtbank ging ook in op de praktische uitvoerbaarheid en de kosten van het onderzoek, waarbij werd vastgesteld dat de deskundige zelf bepaalt welke gegevens nodig zijn en dat medewerking van partijen verplicht is. Het verzoek om voorafgaand aan het onderzoek bepaalde stukken aan de deskundige te doen toekomen werd afgewezen.
De rechtbank benoemde voorlopig een deskundige voorgedragen door Tokio Marine, ondanks bezwaren van Corvus J over taal en kosten. Een regiezitting wordt gepland om de aard, omvang en communicatie van het onderzoek te bespreken. Het verzoek tot het voorlopig deskundigenonderzoek werd toegewezen, terwijl andere beslissingen werden aangehouden.
Uitkomst: Verzoek tot voorlopig deskundigenonderzoek wordt toegewezen en deskundige voorlopig benoemd.