ECLI:NL:RBROT:2013:BY9073
Rechtbank Rotterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Beslaglegging en leveringsovereenkomst casco’s binnenvaartschepen met geschil over ontbinding en nakoming
In deze zaak staat centraal de levering en betaling van casco’s voor binnenschepen tussen Veka Quadrans 3 B.V. en [gedaagde 1]/Westerkade Shipping B.V. Partijen zijn betrokken bij een complexe overeenkomstensituatie, waaronder een jointventure-overeenkomst, koopcontracten en een vierpartijenovereenkomst waarin rechten en plichten werden overgenomen.
[gedaagde 1]/Westerkade legde conservatoir beslag op meerdere casco’s van Veka Quadrans 3 wegens een vordering van circa €1.900.000,-. Veka Quadrans 3 betwist de rechtmatigheid van het beslag en stelt dat de koopcontracten niet rechtsgeldig ontbonden konden worden, mede omdat geen schriftelijke levertijd was overeengekomen en de vertraging niet aan haar te wijten is.
De voorzieningenrechter overweegt dat het beslag niet summierlijk ondeugdelijk is, gelet op de geschilpunten omtrent wanprestatie en ontbinding. Wel is het beslag bijzonder knellend voor Veka Quadrans 3, die haar handelsvoorraad niet kan verhandelen, waardoor vijf van de tien casco’s uit het beslag worden vrijgegeven. De vordering tot opheffing van het beslag op de overige casco’s wordt afgewezen. De vordering van [gedaagde 1]/Westerkade tot opheffing van het beslag op het motortankschip “Lotus” wordt eveneens afgewezen.
De voorzieningenrechter stelt dat nader feitenonderzoek nodig is om te beoordelen of de ontbinding van de koopcontracten rechtsgeldig is. De proceskosten worden tussen partijen gecompenseerd.
Uitkomst: Het beslag op vijf van de tien casco’s wordt opgeheven wegens knellend beslag, overige beslagen blijven gehandhaafd; de vorderingen zijn niet summierlijk ondeugdelijk en nader onderzoek is nodig.