Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
kunnenzien, gelet op de verschillende dode hoeken van de spiegels en de duur waarop de bromfietser in die spiegels al dan niet zichtbaar zou zijn geweest. De rechtbank heeft voorts in haar overwegingen betrokken dat in de rapportages van zowel het NFI als de politie er van is uitgegaan dat het ten tijde van het ongeval reeds licht was. Dit terwijl zowel de verdachte als de getuige anders hebben verklaard. Gelet op de datum en tijdstip van het ongeval moet naar het oordeel van de rechtbank uitgegaan worden van de juistheid van de door verdachte en de getuige afgelegde verklaring en moet worden aangenomen dat het donker of in ieder geval schemerachtig was. De rechtbank stelt voorts vast dat geen onderzoek is gedaan naar de vraag of de bromfiets ten tijde van het ongeval verlichting voerde.