Tussen Service Trans Europe S.A. (STE) en [gedaagde] bestaat een geschil over de tenuitvoerlegging in Nederland van een arrest van het Cour d’Appel de Lyon van 6 november 2003. Dit arrest vernietigde een eerdere veroordeling en bepaalde een betaling van € 45.734,71 aan STE. STE wenst daarnaast ook terugbetaling van een hoger bedrag dat zij eerder aan [gedaagde] had betaald op grond van het vernietigde vonnis.
De deurwaarder stelt dat het arrest geen duidelijke executoriale titel bevat voor deze terugbetaling, waardoor hij geen incasso kan verrichten. STE betwist dit en verwijst naar Frans recht en opinies van Franse deskundigen. De voorzieningenrechter constateert echter dat het dictum van het arrest en het certificaat geen duidelijkheid geven over de executoriale titel voor het zogenaamde "surplus payé".
De voorzieningenrechter acht de twijfel te groot en wijst het bezwaar van de deurwaarder toe. Tevens wordt vastgesteld dat het verlof tot tenuitvoerlegging van het arrest van 6 november 2003 nog niet onherroepelijk is, omdat de beschikking van 3 mei 2013 nog niet is betekend en verzet aangekondigd is. De proceskosten worden aan STE opgelegd. De zaak kan in een verzetprocedure volledig worden behandeld.