ECLI:NL:RBROT:2012:BY3763
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- A.J.P. van Essen
- H.J.M. van der Kaaij
- R.F. de Knoop
- Rechtspraak.nl
Wrakingsverzoek kantonrechter niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding
Verzoekers hebben een wrakingsverzoek ingediend tegen een kantonrechter van de rechtbank Rotterdam naar aanleiding van uitlatingen, gedragingen en beslissingen tijdens een rolzitting op 10 oktober 2012.
De wrakingskamer heeft vastgesteld dat het verzoek niet tijdig is gedaan, aangezien het pas op 1 november 2012 bij de griffie binnenkwam, ruim na de zitting. Volgens vaste jurisprudentie moet een wrakingsverzoek worden ingediend zodra de feiten en omstandigheden waarop het verzoek is gebaseerd, bekend zijn, met slechts een korte tijd voor beraad.
Verzoekers voerden aan dat zij door de gebeurtenissen overdonderd waren en eerst advies moesten inwinnen, maar de kamer oordeelde dat ook binnen deze context het verzoek binnen enkele dagen na de zitting had moeten worden ingediend. De termijn van 22 dagen was te lang.
Daarom werd het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige indiening.