ECLI:NL:RBROT:2012:BY0568
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Asscheman-Versluis
- Wijnholt
- Cnossen
- Rechtspraak.nl
Oplegging ISD-maatregel aan ongewenst verklaarde vreemdeling na woninginbraak
Op 16 oktober 2012 heeft de rechtbank Rotterdam uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een verdachte, een ongewenst verklaarde vreemdeling uit Algerije. De verdachte werd beschuldigd van twee feiten, waarvan het tweede feit niet bewezen werd verklaard en leidde tot vrijspraak. Het eerste feit, een woninginbraak met diefstal van diverse goederen, werd wel wettig en overtuigend bewezen verklaard.
De rechtbank overwoog uitgebreid de omstandigheden van de verdachte, waaronder zijn recidive, verslavingen en illegale verblijfsstatus. Ondanks het argument van de verdediging dat de ISD-maatregel niet binnen het strafrechtelijk kader past en dat resocialisatie niet mogelijk is vanwege zijn illegale status, oordeelde de rechtbank dat oplegging van de maatregel noodzakelijk is ter bescherming van de samenleving en ter bevordering van terugkeer naar het land van herkomst.
De rechtbank nam kennis van psychologisch en reclasseringsadvies waarin onder meer sprake was van cluster B persoonlijkheidsproblemen, afhankelijkheid van middelen en een hoog recidiverisico. De verdachte toonde bereidheid tot medewerking aan het ISD-traject. De rechtbank legde de maatregel op voor de maximale duur van twee jaar met een tussentijdse beoordeling na zes maanden. De maatregel biedt ook mogelijkheden voor hulpverlening en terugkeerondersteuning.
De uitspraak bevestigt dat de ISD-maatregel ook kan worden toegepast bij vreemdelingen met een illegale status, ondanks kritiek vanuit vreemdelingenrechtelijke hoek, en benadrukt het belang van maatschappelijke veiligheid en terugkeerbevordering.
Uitkomst: De rechtbank legt een ISD-maatregel van twee jaar op aan de verdachte en spreekt hem vrij van het tweede ten laste gelegde feit.