ECLI:NL:RBROT:2012:BX2753
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Bijl-de Jong
- Benaissa
- Jordaan
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak moord en doodslag, veroordeling voor wapenbezit en lijkverbergen na dodelijk schietincident
De rechtbank Rotterdam heeft verdachte vrijgesproken van moord en doodslag omdat niet wettig en overtuigend kon worden vastgesteld dat hij (voorwaardelijk) opzet had op de dood van het slachtoffer. Het dodelijk schietincident vond plaats tijdens het spelen met een vuurwapen, waarbij het slachtoffer eigenaar was van het wapen en de verdachte het schot loste zonder zich ervan te vergewissen dat het wapen geladen was.
De rechtbank oordeelde dat sprake was van roekeloosheid, maar dat de officier van justitie geen tenlastelegging van dood door schuld had opgenomen, waardoor vrijspraak van de moord- en doodslag ten laste gelegde feiten volgde. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte het lijk van het slachtoffer samen met anderen heeft verborgen, weggebracht en in een natuurplas heeft gelegd met het oogmerk het overlijden te verhullen.
Daarnaast werd bewezen verklaard dat verdachte in december 2011 een verboden vuurwapen en munitie bij zich had. Gelet op zijn eerdere veroordelingen en de ernst van de feiten werd verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 2 jaar en 6 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van moord en doodslag, veroordeeld tot 2,5 jaar gevangenisstraf voor verboden wapenbezit en verbergen lijk.