ECLI:NL:RBROT:2012:BX1265
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over geldlening en bewijsvoering tussen ouders en ex-partner zoon
Eisers, ouders van de zoon van gedaagde, vorderen betaling van een geldlening van € 135.499,03, vermeerderd met rente, gebaseerd op twee leningen verstrekt in de jaren negentig. Gedaagde betwist het bestaan en de echtheid van de tweede leningsovereenkomst en voert verjaring aan.
De rechtbank stelt vast dat de gevorderde hoofdelijke aansprakelijkheid niet meer aan de orde is en dat de stelplicht en bewijslast bij eisers liggen. Gezien de betwisting van gedaagde is bewijsvoering noodzakelijk, onder meer door het horen van getuigen en mogelijk een deskundigenonderzoek naar de handtekening onder de leningsovereenkomst.
De rechtbank oordeelt dat de lening niet eerder opeisbaar was dan bij het beëindigen van de relatie tussen gedaagde en de zoon in 2007, waardoor het beroep op verjaring niet slaagt. De zaak wordt aangehouden om eisers gelegenheid te geven zich uit te laten over bewijslevering en deskundigenonderzoek, waarna verdere beslissing volgt.
Uitkomst: De zaak is aangehouden voor nadere bewijslevering en deskundigenonderzoek.