ECLI:NL:RBROT:2012:BW6121
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- De Geus
- Leinarts
- Van Driel
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid openbaar ministerie wegens schending verdedigingsrechten in zaak aanranding en diefstal met geweld
De verdachte werd verdacht van aanranding van twee minderjarige meisjes en diefstal met geweld op 18 juli 2010. Tijdens het onderzoek werden de aangeefsters niet als getuigen gehoord, ondanks meerdere opdrachten van de rechter-commissaris en verzoeken van de verdediging.
De officier van justitie volgde bevelen van de rechtbank niet op en weigerde de getuigen alsnog te laten horen uit vrees voor hun psychische gezondheid. Dit leidde tot een ernstige inbreuk op het recht van de verdediging om belangrijke getuigen te ondervragen, wat de rechtbank kwalificeerde als een grove veronachtzaming van de belangen van de verdachte.
Gezien de onherstelbare schending van het recht op een eerlijk proces en de belangen van zowel de minderjarige verdachte als de aangeefsters, verklaarde de rechtbank het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging. De vordering van de benadeelde partij werd eveneens niet-ontvankelijk verklaard, en de zaak werd geschorst zonder inhoudelijke beoordeling van de tenlastelegging.
Uitkomst: Het openbaar ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens schending van het recht op een eerlijk proces door het niet horen van cruciale getuigen.