ECLI:NL:RBROT:2011:BV0879
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L.J. van Die
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot toelating tot werk en uitbetaling loon wegens ontbreken arbeidsovereenkomst
In deze zaak vordert eiseres toelating tot werk en betaling van loon, stellende dat zij per 19 september 2011 in dienst zou treden als chauffeur bij gedaagde. Het geschil draait om de vraag of tussen partijen een arbeidsovereenkomst is gesloten tijdens het sollicitatiegesprek op 9 september 2011.
De rechtbank stelt vast dat hoewel tijdens het gesprek essentiële arbeidsvoorwaarden zijn besproken, er geen overeenstemming is bereikt over alle essentiële punten van de arbeidsovereenkomst. Eiseres heeft onder meer de huisregels getekend en een verklaring van goed gedrag ingeleverd, maar dit betekent niet dat de arbeidsovereenkomst reeds tot stand is gekomen. Gedaagde betwist het bestaan van een specifieke functie zoals door eiseres omschreven en voert aan dat de functie chauffeur ook andere werkzaamheden kan omvatten.
De kantonrechter acht het niet aannemelijk dat er overeenstemming is bereikt over de functie, het aantal uren en het salaris. Ook is niet gebleken dat er een definitief contract is aangeboden of ondertekend. Gezien deze omstandigheden wordt de vordering van eiseres afgewezen en wordt zij veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot toelating tot werk en uitbetaling van loon wordt afgewezen wegens ontbreken van een arbeidsovereenkomst.