ECLI:NL:RBROT:2011:BU9661
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot inzage processtukken in civiele procedure over vaststellingsovereenkomst
In deze civiele procedure vordert BEL inzage in processtukken die zijn gewisseld in een andere zaak tussen LMV, [gedaagde 2] enerzijds en Eneco België en Eneco B.V. anderzijds. BEL baseert haar vordering op artikel 223 Rv Pro en artikel 843a Rv, stellende dat deze stukken betrekking hebben op een vaststellingsovereenkomst die onderwerp is van het geschil.
De rechtbank oordeelt dat de vordering tot verwijzing van de zaak naar een andere procedure en de vordering tot voeging worden afgewezen, omdat beide zaken bij dezelfde rechtbank aanhangig zijn en er geen grond is voor verwijzing. De vordering tot inzage op grond van artikel 223 Rv Pro wordt niet als provisionele vordering aangemerkt en afgewezen.
Wel wordt de vordering op grond van artikel 843a Rv toegewezen voor zover deze betrekking heeft op de processtukken uit de andere zaak die een voldoende verband houden met een rechtsverhouding waarbij BEL partij is. De rechtbank bepaalt een dwangsom van €500 per dag met een maximum van €5.000 om naleving af te dwingen. De beslissing omtrent proceskosten wordt aangehouden tot het eindvonnis in de hoofdzaak.
Uitkomst: De rechtbank wijst de inzagevordering toe voor processtukken uit de andere procedure die betrekking hebben op de rechtsverhouding met BEL en wijst overige vorderingen af.