ECLI:NL:RBROT:2011:BU9628
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over exclusief parkeerrecht op openbare parkeervakken in Vinexwijk
Deze civiele procedure betreft de vraag of eisers jegens de gemeente Lansingerland aanspraak kunnen maken op exclusief gebruik van parkeervakken in hun woonomgeving. De woningen van eisers zijn niet met de auto bereikbaar en beschikken niet over een eigen parkeervak. Eisers baseren hun vorderingen onder meer op toezeggingen van de gemeente en verwijzen naar vergelijkbare situaties elders in de wijk.
De rechtbank constateert dat de vorderingen en grondslagen onduidelijk zijn, mede door diverse eiswijzigingen. De primaire vordering betreft een exclusief en overdraagbaar parkeerrecht, terwijl subsidiaire vorderingen neerkomen op gereserveerde parkeerplaatsen met fysieke voorzieningen zoals parkeerbeugels. De rechtbank oordeelt dat toezeggingen uit 2004 en 2005 niet strekken tot het exclusieve en overdraagbare recht dat eisers wensen.
De gemeente heeft een bestuursrechtelijke procedure gevoerd tegen een onttrekkingsbesluit, dat uiteindelijk niet is genomen. Het beroep van eisers tegen deze weigering wordt door de bestuursrechter behandeld. De rechtbank houdt rekening met de lopende bestuursrechtelijke procedure en overweegt de zaak aan te houden om tegenstrijdige beslissingen te voorkomen.
Daarnaast bespreekt de rechtbank het gelijkheidsbeginsel dat eisers aanvoeren, maar stelt dat de situaties niet vergelijkbaar zijn en dat plaatsing van parkeerbeugels een fysieke maatregel betreft die zonder onttrekkingsbesluit niet kan worden gerealiseerd. De rechtbank nodigt partijen uit om bij comparitie nadere toelichting te geven en wijst op de mogelijkheid tot minnelijke oplossing. De verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank houdt de verdere beslissing aan en gelast een comparitie om de resterende kwesties te bespreken.