ECLI:NL:RBROT:2011:BU9530
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling onbetaalde facturen scheepswerf na geschil over gebreken stuurinrichting
In deze civiele zaak vordert eiseres, een scheepswerf, betaling van openstaande facturen voor werkzaamheden aan een schip, waaronder het vervangen van een stuurinrichting. Gedaagden, eigenaren van het schip, erkennen een deel van de vordering maar stellen tegenvorderingen in na ontbinding van de overeenkomst wegens gebreken aan het geleverde werk. De toepasselijkheid van de VNSI-condities, waaronder uitsluiting van verrekening en opschorting, speelt een centrale rol.
De rechtbank stelt vast dat het stuurwerk volledig is betaald en dat de overige vorderingen niet kunnen worden verrekend vanwege de contractuele afstand van verrekeningsrechten. Ook het beroep op opschorting faalt. De gestelde gebreken zijn onvoldoende concreet en onderbouwd om ontbinding van de overeenkomst te rechtvaardigen. Diverse expertiserapporten en proefvaarten tonen dat de vermeende gebreken niet aantoonbaar zijn of binnen de normen vallen.
De rechtbank wijst de tegenvorderingen af, veroordeelt gedaagden tot betaling van € 76.688,92 plus wettelijke rente en proceskosten, en wijst de vorderingen tot opheffing van beslag en verdere conservatoire maatregelen af. Het vonnis bevestigt de contractuele afspraken en de redelijkheid van de toegepaste voorwaarden in een zakelijke relatie tussen professionele partijen.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot betaling van € 76.688,92 plus wettelijke rente en proceskosten, tegenvorderingen worden afgewezen.