ECLI:NL:RBROT:2011:BU6159
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nakoming mondelinge geldleningsovereenkomst vastgelegd in schuldbekentenis met discussie over hoofdelijkheid en rente
Op 1 april 2008 is een mondelinge overeenkomst gesloten waarbij [gedaagde] aan [eiser] vroeg om €150.000,- te lenen. Deze lening is later vastgelegd in een schuldbekentenis van 13 februari 2009, ondertekend door [gedaagde] voor zichzelf en namens Orcom Vastgoed B.V. en diens echtgenote.
[gedaagde] betwist niet dat de leningsovereenkomst bestaat, maar stelt dat hij niet hoofdelijk aansprakelijk is en dat slechts €100.000,- is overgemaakt, terwijl de contante betaling van €50.000,- wordt betwist. De rechtbank stelt vast dat uit de schuldbekentenis volgt dat zowel [gedaagde] als Orcom Vastgoed B.V. schuldenaar zijn, maar dat geen hoofdelijkheid is overeengekomen, waardoor [gedaagde] slechts voor de helft aansprakelijk is.
De overeengekomen rente van 10% wordt niet gematigd door de rechtbank, die ook de wettelijke rente en een extra rentevergoeding over drie maanden toewijst, maar slechts voor de helft aan [gedaagde]. Het eerdere verstekvonnis wordt vernietigd en het vonnis in verzet wijst [eiser] een bedrag van €82.500,- plus rente en kosten toe, met uitvoerbaarheid bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank wijst €82.500,- plus wettelijke rente en helft van de extra rentevergoeding toe aan eiser en veroordeelt gedaagde in kosten.