ECLI:NL:RBROT:2011:BT7672
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Russell-van der Hoeven
- Klein Wolterink
- Janssen
- Rechtspraak.nl
Ontslag van rechtsvervolging voor invoer cocaïne in België, veroordeling voorbereiding vervoer cocaïne
De rechtbank Rotterdam behandelde een zaak tegen verdachte die werd verdacht van het invoeren van circa 110 kilogram cocaïne in België en de voorbereiding van het vervoer van deze drugs naar Nederland. Uit onderzoek bleek dat de invoer in België plaatsvond, terwijl de Nederlandse Opiumwet strafbaarheid beperkt tot het binnenbrengen in Nederland. Hierdoor werd verdachte ontslagen van rechtsvervolging voor het eerste feit.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte samen met anderen voorbereidingen trof voor het vervoer van de cocaïne, waaronder het volgen van scheepsbewegingen, het reizen naar Antwerpen, het onderhouden van contact met medeverdachten en het gebruik van meerdere mobiele telefoons met opvolgende nummers. Dit feit werd als strafbaar aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat de doorzoeking van de container rechtmatig was uitgevoerd door de Belgische autoriteiten en dat het bewijs daarom geldig was. Verdachte werd veroordeeld tot 40 maanden gevangenisstraf voor de voorbereiding van het vervoer van de cocaïne. Daarnaast werden in beslag genomen goederen, waaronder mobiele telefoons, een auto, een laptop en een navigatiesysteem, verbeurd verklaard.
De straf werd gemotiveerd door de ernst van het feit en de bedreiging die internationale drugshandel vormt voor de samenleving. Verdachte had eerder soortgelijke veroordelingen en het reclasseringsrapport werd meegewogen. De rechtbank sprak verdachte vrij van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 40 maanden gevangenisstraf voor voorbereiding van vervoer van cocaïne en ontslagen van rechtsvervolging voor invoer in België.