ECLI:NL:RBROT:2011:BT2907
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter na sluiting onderzoek ter zitting
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter van de rechtbank Rotterdam, sector bestuursrecht, omdat het onderzoek ter zitting vroegtijdig was gesloten terwijl verzoeker nog wilde pleiten. Verzoeker kon daardoor zijn beroep niet mondeling toelichten en zijn verzoek om schriftelijke pleitaantekeningen toe te voegen werd geweigerd.
De wrakingskamer heeft het dossier bestudeerd, inclusief het proces-verbaal van de zitting en de correspondentie. Tijdens de behandeling van het wrakingsverzoek waren verzoeker en de rechter niet aanwezig, wel de advocaat van verweerster. De rechter had het onderzoek gesloten rond 13.40 uur, terwijl verzoeker pas na die tijd arriveerde zonder dit vooraf te melden.
De wrakingskamer oordeelde dat de rechter niet gehouden was om het onderzoek te heropenen, ook niet uit coulance. Er waren geen aanwijzingen dat de rechter onpartijdig was of dat de vrees van verzoeker voor vooringenomenheid objectief gerechtvaardigd was. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen. De beoordeling van het verzoek om de schriftelijke pleitaantekeningen alsnog toe te voegen blijft aan de rechter zelf.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan aanwijzingen voor onpartijdigheid.