ECLI:NL:RBROT:2011:BQ9165
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging distributieovereenkomst smeermiddelen en geschil over schadevergoeding
Maumo en BP hadden een langdurige handelsrelatie waarbij Maumo smeermiddelen van het merk Duckhams van BP afnam. BP besloot de productie van Duckhams te staken en beëindigde de distributieovereenkomst met Maumo. Maumo stelde dat zij recht had op schadevergoeding wegens onregelmatige beëindiging en dat er een exclusiviteitsafspraak bestond, wat BP betwistte.
De rechtbank oordeelde dat de opzegging van de overeenkomst op basis van redelijkheid en billijkheid moest worden beoordeeld. BP had Maumo een redelijke opzegtermijn van twee maanden geboden, waarin Maumo haar bedrijfsvoering kon aanpassen. De stelling van Maumo dat zij twee jaar nodig had om eenzelfde marge te behalen met alternatieve producten werd niet als relevant beschouwd.
Verder stelde de rechtbank vast dat er onvoldoende bewijs was voor een exclusiviteitsafspraak tussen partijen. De vordering van Maumo tot schadevergoeding wegens onrechtmatige beëindiging werd daarom afgewezen. BP werd veroordeeld tot betaling van de openstaande factuur, rente en een gematigde vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. Maumo werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: BP mocht de distributieovereenkomst met Maumo beëindigen met een redelijke opzegtermijn; schadevorderingen van Maumo werden afgewezen.