ECLI:NL:RBROT:2011:BQ0402
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen dwangbevel bestuursdwangkosten wegens ontmanteling hennepkwekerij
Op 14 december 2007 werd in een pand te Rotterdam een hennepkwekerij aangetroffen en ontmanteld door de Roteb op basis van bestuursdwang. De gemeente stelde een besluit tot bestuursdwang vast op 1 februari 2008, waartegen eiser bezwaar maakte, dat niet-ontvankelijk werd verklaard. Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard door de bestuursrechter, waarna geen hoger beroep volgde.
Eiser werd geconfronteerd met een factuur van €3.772,10 voor de kosten van ontmanteling, beheerskosten en BTW. Na betwisting van de hoogte van de kosten en het feit dat eiser niet de overtreder zou zijn, stelde de rechtbank vast dat het verzet tijdig en ontvankelijk was. De formele rechtskracht van het bestuursdwangbesluit stond toetsing van de rechtmatigheid in verzet weg.
De rechtbank oordeelde dat de kosten van de Roteb €1.921,00 bedroegen, met beheerskosten van 15% en BTW, waardoor de hoofdsom €2.574,14 werd. De invorderingskosten en BTW werden naar rato aangepast, resulterend in een totaal van €3.115,86 plus wettelijke rente vanaf 14 maart 2008. Het verzet werd gegrond verklaard voor zover het dwangbevel meer vorderde dan dit bedrag, en afgewezen voor het overige. De proceskosten werden gecompenseerd, zodat partijen hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: Verzet gegrond voor zover dwangbevel meer dan €3.115,86 plus wettelijke rente vordert, verder afgewezen met kostencompensatie.