ECLI:NL:RBROT:2011:BP9079
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek failliet tot overname herroepingsprocedure door curator
De failliet, voormalig bestuurder en aandeelhouder van twee bedrijven, was veroordeeld tot betaling van ruim 22 miljoen euro aan Subaru wegens onrechtmatige betalingen. Na diverse procedures, waaronder strafrechtelijke veroordelingen en faillietverklaring, startte de failliet een herroepingsprocedure tegen Subaru en Mitsui, die de vordering hadden overgenomen.
De failliet verzocht de rechter-commissaris om de curator te bevelen deze herroepingsprocedure over te nemen, stellende dat het belang van de failliet zwaarder weegt dan dat van de boedel. De curator en rechter-commissaris wezen dit verzoek af, stellende dat de procedure geen baten voor de boedel oplevert en dat de kans op succes gering is.
In hoger beroep bevestigt de rechtbank deze afwijzing. De rechtbank overweegt dat de curator het beheer van de boedel moet voeren met het oog op het meeste voordeel voor de boedel en dat de herroepingsprocedure vooral een persoonlijk belang van de failliet dient. De procedure brengt extra kosten met zich mee, terwijl de boedel geen activa heeft om deze te dekken.
De rechtbank beoordeelt de proceskansen van de herroepingsprocedure als gering, mede omdat het arrest slechts herroepen kan worden bij bedrog en de aangevoerde feiten onvoldoende aannemelijk maken dat Subaru bedrog heeft gepleegd. De belangen van de boedel wegen zwaarder dan die van de failliet, zodat de beschikking van de rechter-commissaris wordt bekrachtigd.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek van de failliet af en bekrachtigt de beschikking van de rechter-commissaris dat de curator de herroepingsprocedure niet hoeft over te nemen.