ECLI:NL:RBROT:2010:BP2344
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens kennelijk onredelijke opzegging na mislukte detacheringen en burn-outgeschil
Eiser werkte ruim tien jaar op detacheringsbasis voor Gemeente Rotterdam, met de laatste twee detacheringen die niet succesvol verliepen. Hij stelde een burn-out te hebben, maar dit werd niet bevestigd door de arboarts of het UWV. Gemeente Rotterdam zegde de arbeidsovereenkomst op met meerdere redenen, waarvan enkele onjuist bleken.
De rechtbank stelde vast dat de beëindiging van de detachering bij Stichting DISCK om financiële redenen was en niet vanwege het opnemen van gesprekken door eiser. Ook de reden dat eiser was afgewezen bij de Kredietbank wegens een negatieve houding was onjuist, aangezien hij vanwege ziekte niet heeft gewerkt. De reden van beëindiging bij Wolfert Dalton kon niet zonder nader onderzoek worden beoordeeld.
Hoewel eiser zich niet altijd coöperatief toonde en er conflicten waren, had Gemeente Rotterdam onvoldoende aangetoond welke inspanningen zij had gedaan om eiser elders te herplaatsen. Gezien zijn leeftijd en zwakke arbeidsmarktpositie was het ontslag kennelijk onredelijk. De rechtbank kende een schadevergoeding van €15.000 bruto toe, met wettelijke rente vanaf 1 april 2007, en veroordeelde Gemeente Rotterdam in de proceskosten.
Uitkomst: Ontslag arbeidsovereenkomst is kennelijk onredelijk en Gemeente Rotterdam moet €15.000 schadevergoeding betalen.