ECLI:NL:RBROT:2010:BP0467
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Uitleg en nakoming aanvullende koopsom bij bouwvergunningen op perceel tuingrond
In deze civiele zaak staat de uitleg van artikel 17 van Pro een koopakte centraal, waarin is bepaald dat een aanvullende koopsom verschuldigd is indien de gemeente bouwvergunningen verleent voor ten minste twee woningen op een perceel tuingrond. Eisers vorderen betaling van deze aanvullende koopsom van gedaagden.
De rechtbank stelt vast dat de tekst van artikel 17 duidelijk Pro spreekt over twee bouwvergunningen als opschortende voorwaarde. Eisers stellen dat de enkele wijziging van de bestemming tot bouwgrond voldoende is voor betaling, en dat gedaagden het verkrijgen van twee vergunningen hebben beletten. Gedaagden betwisten dit en voeren aan dat slechts één vergunning is verleend en dat zij zich voldoende hebben ingespannen.
De rechtbank overweegt dat de aanvullende koopsom pas verschuldigd is bij twee vergunningen. Ten aanzien van gedaagde sub 1 wordt geoordeeld dat hij onvoldoende inspanning heeft verricht en de voorwaarde door zijn handelen heeft beletten, waardoor deze als vervuld wordt beschouwd. Gedaagde sub 1 wordt veroordeeld tot betaling van zijn deel van de aanvullende koopsom. Ten aanzien van gedaagde sub 2 is geen sprake van belemmering en wordt de vordering afgewezen.
De rechtbank wijst de vordering tot buitengerechtelijke incassokosten af wegens onvoldoende onderbouwing en veroordeelt gedaagde sub 1 in de proceskosten van eisers, terwijl eisers in de proceskosten van gedaagde sub 2 worden veroordeeld.
Uitkomst: Gedaagde sub 1 wordt veroordeeld tot betaling van zijn aandeel in de aanvullende koopsom wegens beletten van de voorwaarde; vordering tegen gedaagde sub 2 wordt afgewezen.