ECLI:NL:RBROT:2010:BO5673
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing tussentijdse vergoeding buitengerechtelijke kosten na verkeersongeval
Op 25 februari 2009 was verzoekster betrokken bij een verkeersongeval waarbij haar auto van achteren werd aangereden door een verzekerde van London Verzekeringen. London erkende aansprakelijkheid, maar partijen waren het oneens over de omvang van de schade en de redelijkheid van de buitengerechtelijke kosten.
Verzoekster vroeg tussentijdse vergoeding van €4.266,48 aan buitengerechtelijke kosten en verzocht tevens om medewerking van London aan een neurologisch deskundigenonderzoek. De rechtbank oordeelde dat het verzoek tot vergoeding zich leent voor behandeling in een deelgeschilprocedure en dat de kosten redelijk zijn volgens de dubbele redelijkheidstoets, ook al was er discussie over het inschakelen van een nieuwe belangenbehartiger.
Het aanvullende verzoek om medewerking aan het deskundigenonderzoek werd afgewezen vanwege het ontbreken van een voldoende belang op dit moment, mede omdat London bereid was de kosten te dragen en medewerking te verlenen. De rechtbank begrootte de proceskosten op €2.606,41 en veroordeelde London tot betaling van zowel de buitengerechtelijke kosten als de proceskosten, met wettelijke rente vanaf 9 juli 2010.
Uitkomst: London wordt veroordeeld tot betaling van €4.266,48 aan buitengerechtelijke kosten en proceskosten, met rente; het verzoek tot medewerking aan deskundigenonderzoek wordt afgewezen.