ECLI:NL:RBROT:2010:BO1687
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Boer
- Blagrove
- Stalenberg
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor valsheid in geschrift ondanks vormverzuim bij geheimhoudersgesprek
De rechtbank Rotterdam behandelde een zaak waarin verdachte werd vervolgd voor meerdere feiten, waaronder poging tot omkoping van een opsporingsambtenaar, het verkrijgen van processen-verbaal van een corrupte politieambtenaar en valsheid in geschrift. Tijdens het onderzoek bleek dat een telefoongesprek en een sms-bericht tussen verdachte en zijn advocaat, die onder het verschoningsrecht vallen, niet vernietigd waren zoals voorgeschreven in artikel 126aa Wetboek van Strafvordering. Dit vormverzuim leidde echter niet tot niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie.
De rechtbank oordeelde dat het vormverzuim niet van dien aard was dat de belangen van verdachte grovelijk waren geschaad, mede omdat het slechts om één telefoongesprek en één sms-bericht ging en omdat verdachte ontkende dat er sprake was van een corrupte politieman. Verdachte werd vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten van poging tot omkoping en het verkrijgen van processen-verbaal van een corrupte politieambtenaar wegens onvoldoende bewijs.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte in de periode van januari 2006 tot juni 2007 meermalen valse digitale documenten had opgemaakt en verspreid, voorzien van officiële logo's en kopteksten van politie en justitie, met de bedoeling deze als echt te laten gebruiken. De rechtbank achtte verdachte strafbaar voor valsheid in geschrift en veroordeelde hem tot negen maanden gevangenisstraf waarvan drie maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar, en een taakstraf van 240 uur. Tevens werden de in beslag genomen voorwerpen verbeurd verklaard als bijkomende straf.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot negen maanden gevangenisstraf waarvan drie maanden voorwaardelijk en een taakstraf van 240 uur wegens valsheid in geschrift.